Advocatenkantoor Nass

31 december 2018

Mutatieoverzicht in plaats van bankafschriften

De gemeente mocht van de Centrale Raad van Beroep een aanvraag om bijstand buiten behandeling stellen – wat betekent dat de aanvrager geen bijstand ontvangt – omdat de aanvrager tot twee maal toe een mutatieoverzicht, waarschijnlijk een via de website van de bank gemaakte uitdraai, had ingeleverd in plaats van bankafschriften.

Hoewel het gaat om een aanvraag uit 2016, ruim 2˝ jaar geleden, was dit waarschijnlijk niet nodig geweest omdat je bij de meeste banken, waarschijnlijk alle banken, bankafschriften kan downloaden.

Overigens geeft de CRvB aan dat niet in geschil was dat de bankafschriften noodzakelijk zijn voor de beoordeling van de aanvraag en dat betrokkene door het overleggen van de mutatieoverzichten niet de gevraagde gegevens had overgelegd. Kennelijk was dit niet weersproken en hoefde de CRvB dit daarom niet te beoordelen. Misschien bleek uit de mutatieoverzichten niet welke bedragen er op de bankrekening stonden. Als dat wel het geval was, is niet duidelijk waarom de mutatieoverzichten niet voldoende informatie voor de gemeente bevatten om de aanvraag te beoordelen. http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:CRVB:2018:3290

Permanente link

24 december 2018

Bijstand en inkomsten uit alimentatie

Ontvangen alimentatie wordt ingehouden op de bijstand. Uit deze uitspraak komt naar voren dat dat niet anders wordt als de alimentatie achteraf gezien ten onrechte is ontvangen en moet worden terugbetaald. De alimentatiegerechtigde beschikte immers over de middelen.

Of aan de bijstandverlening de voorwaarde was verbonden dat betrokkene alimentatie zou vorderen, is hierbij waarschijnlijk niet van belang. Dit zou kunnen betekenen dat het voor de gemeente gunstiger en voor de alimentatie- en bijstandsgerechtigde ongunstiger is, als laatstgenoemde zelf alimentatie moet vorderen dan als de gemeente de bijstand op de alimentatieplichtige verhaalt. In dat geval zou de alimentatieplichtige die te veel alimentatie heeft betaald, bij de gemeente moeten zijn om het te veel betaalde terug te krijgen. http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:CRVB:2018:3159

Permanente link

21 december 2018

Huisbezoek na laag energiegebruik

Een extreem laag elektriciteitsgebruik en gasgebruik is waarschijnlijk niet voldoende voor het standpunt dat betrokkene niet op het opgegeven adres woont, waarschijnlijk ook niet in combinatie met een takje dat zodanig tussen de voordeur en de deurpost was geplaatst dat het bij opening van de deur zou vallen en zich daar 5 dagen later nog bevond. Wel kan dit aanleiding geven om te twijfelen omtrent de juistheid van de verstrekte gegevens en daarmee aan grond opleveren voor het afleggen van een niet vooraf aangekondigd huisbezoek in aansluiting op een gesprek, waarbij, naar mag worden aangenomen, betrokkene eerder was opgeroepen om bij de sociale dienst te verschijnen.

Betrokkene heeft aangegeven dat hij aansluitend aan dat gesprek, een afspraak had met zijn huisarts en dat diezelfde dag, direct na afloop van zijn afspraak bij de huisarts, alsnog een huisbezoek kon worden afgelegd. Hij had echter ook een verslag getekend, misschien heeft hij dat overhaast gedaan omdat hij vreesde te laat bij de huisarts te komen, Uit dat verslag bleek niet dat hij had medegedeeld dat hij aansluitend op het gesprek een afspraak met de huisarts had. Er zou in hebben gestaan dat hij gezegd had dat het nu niet kon omdat hij ergens heen moest en op de vraag waar hij heen moest, had geantwoord “Dat gaat u niks aan”.

Dat hij later had aangetoond dat hij wel degelijk een afspraak met de huisarts had, hielp niet meer: hij had het, toen het huisbezoek werd aangekondigd, onmiddellijk moeten zeggen. De gemeente mocht de bijstand beëindigen en de eerder verstrekte bijstand over de periode 20 september 2013 tot en met 31 januari 2015 tot een bedrag van € 19.496,20 terugvorderen.

http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:CRVB:2018:3305

Permanente link

19 december 2018

Inkomenstoeslag en eerder opgelegde maatregelen

De gemeenteraad stelt bij verordening regels vast met betrekking tot het verlenen van een inkomenstoeslag (vroeger langdurigheidstoeslag). Deze kunnen dus per gemeente verschillen. Het tweede lid onder b van artikel 36 van de Participatiewet noemt als omstandigheid die bij het verlenen van een inkomenstoeslag in aanmerking kan of moet worden genomen de inspanningen die de persoon heeft verricht om tot inkomensverbetering te komen.

De gemeente mag daarbij betrekken de omstandigheid dat een aanvrager eerder een maatregel opgelegd heeft gekregen vanwege het niet of onvoldoende nakomen van de arbeids- of re-integratieverplichtingen. In dit geval volgde uit het beleid van het college, dat in beleidsregels was vastgelegd, dat bij een maatregel in de laatste twaalf maanden van de referteperiode de aanvraag om een individuele inkomenstoeslag wordt afgewezen zonder dat een individuele beoordeling naar het uitzicht op inkomensverbetering plaatsvindt.

De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat dit de grenzen van een redelijke beleidsbepaling te buiten gaat, maar de Centrale Raad van Beroep oordeelde ook dat betrokkene hierdoor niet was benadeeld. Ook oordeelde de Centrale Raad van Beroep dat geen sprake was ven een dubbele bestraffing omdat betrokkene al eerder om dezelfde redenen een of meer sancties opgelegd had gekregen. http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:CRVB:2018:3418

Permanente link

18 december 2018

Bijstand en werken als asbestsaneerder

Betrokkene had op een intakeformulier ingevuld dat het werken als asbestsaneerder niet zijn keuze was en dat hij was gestuurd door de gemeente, de gemeente Rotterdam. Tijdens hij gesprek had hij gezegd dat hij liever niet gaat werken als asbestsaneerder. De gemeente mocht de uitkering voor een maand met 100% verlagen. Dat betekent een maand geen inkomsten. http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:CRVB:2018:3171

Permanente link

18 december 2018

Gedwongen misbruik van daklozenopvang

Iemand die geen eigen woonadres heeft vraagt bijstand aan en moet adressen opgegeven waar hij overnacht heeft. Iemand die hem onderdak heeft verleend, aangeduid als “K”, was zich misschien van geen kwaad bewust toen zij betrokkene onderdak verleende en zal, toen zij werd benaderd door twee handhavingsspeciallisten die verantwoording eisten over de aanwezigheid van betrokkene in de woning, misschien van schrik maar gezegd hebben dat betrokkene daar nooit geslapen had.

Aan latere uitleg werd geen betekenis toegekend en dat er dreiging van de handhavingsspecialisten uitging, zal ongetwijfeld ook ontkend worden.

De aanvraag van betrokkene om bijstand werd afgewezen en de gemeente werd door de CRvB in het gelijk gesteld. De enige manier om dit te voorkomen lijkt te zijn gebruik te maken van de daklozenopvang. Hier zien we weer hoe op deze wijze misbruik van de daklozenopvang wordt afgedwongen.

http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:CRVB:2018:3133

Permanente link

17 december 2018

Op geld waardeerbare arbeid

Het onverplicht verrichten van werkzaamheden of activiteiten die ook tegen betaling verricht worden, kan leiden tot beëindigen, verlagen en/of terugvorderen van bijstand.

Onder “op geld waardeerbare activiteiten” wordt verstaan activiteiten of arbeid die tegen betaling kunnen wordt verricht. Als je dergelijke activiteiten verricht moet je dat aan de gemeente melden, zodat de gemeente kan beoordelen wat de gevolgen zijn voor het recht op bijstand. Dat kan betekenen dat de bijstand beëindigd of verlaagd wordt. Met welke bedoeling de activiteiten plaats vinden en of je er daadwerkelijk geld voor ontvangt speelt geen rol. Van belang is het inkomen waarover je “redelijkerwijs kan beschikken”. Daarbij speelt ook geen rol of degene voor wie de werkzaamheden verricht zijn, daarvoor betaald zou hebben indien dat een voorwaarde voor het verrichten van de werkzaamheden zouden zijn. In dit geval ging het om iemand die schoonmaakwerkzaamheden verrichtte vanuit goede bedoelingen en om de Nederlandse taal te leren. De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat betrokkene daarvoor een uurloon had kunnen bedingen. In dit geval heeft de gemeente het inkomen dat betrokkene geacht werd te kunnen ontvangen schattenderwijs vastgesteld. Het had erger kunnen zijn.

http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:CRVB:2018:3156

Permanente link

14 december 2018

Laag watergebruik en pingedrag

Watergebruik van 10m3 per maand (gesproken wordt van van 31 juli 2013 tot 3 augustus 2014 en 3 augustus 2014 tot 28 september 2015, misschien is bedoeld 31 juli 2013 tot 3 september 2014 en 3 september 2014 tot 28 september 2015 ) en pingedrag onvoldoende geacht om aan te nemen dat betrokkene zijn hoofdverblijf niet op het uitkeringsadres – het woonadres – had.

http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:CRVB:2018:3173

Permanente link